Volgens veel Nederlandse economen is zijn presence Ewald Engelens grootste kwaliteit. Ze noemen hem een schreeuwlelijk en een beunhaas. Maar ieder debat heeft dwarse denkers nodig.

(gepubliceerd in Villamedia magazine, mei 2014)

Ooit studeerde hij journalistiek, nu is hij hoogleraar ‘financiële geografie’. Ik had daar ook nog nooit van gehoord toen ik Engelen in 2011 voor het eerst bij Pauw & Witteman zag. Maar ik dacht wel: wauw, deze eloquente scherpslijper weet hoe het zit!
En het zat duidelijk niet goed. Met het afwentelen van de gevolgen van de crisis op de burger. Met de enorme macht van de banklobby. Met de kennis van zaken van onze politici. Met het bord voor de kop van onze economen.
Toen ik hem begin vorig jaar voor het eerst interviewde, gaf Engelen ook de financiële journalistiek zijn vet: ‘Die heeft de afgelopen twintig jaar evenmin opgelet.’ Woorden die ik met instemming in mijn artikel zette. ‘Tuurlijk, koop gerust een huis’, had een collega die als huizenmarktexpert door het leven ging eind 2007 gezegd. Hij verwachtte geen prijsdaling. ‘Mensen zullen altijd moeten blijven wonen, nietwaar?’
Inderdaad. Minimaal tien jaar op dezelfde plek, wegens een virtuele restschuld van nu zestig mille.

Engelen zei ook van alles over de euro. ‘Een mislukt experiment. Stoppen ermee dus.’ Eerder had ik uit de mond van een andere dwarse denker, ex-NRC-journalist Paul Frentrop, opgetekend: ‘Als de euro mislukt is, waarom zouden we hem dan redden?’
Tsja.

Volgens de als reuze verstandig bekendstaande SER-baas Alexander Rinnooy Kan zou het zonder euro één grote puinhoop zou worden. Echter, diezelfde Rinnooy Kan zat tot 2006 onbekommerd zijn dikke bonussen te tellen als bestuurder van ING, terwijl het lagere personeel conform de instructies doende was de klanten ‘maximaal uit te nutten’, vertelde een ex-ING’er me een paar jaar geleden. ‘Uitnutten is een eufemisme voor uitmelken,’ zei hij erbij. Maar dat had ik al begrepen.
Ook interviewde ik topeconoom Lex Hoogduin. Hij verklaarde dat de euro goed is, want, zo legde hij uit, als de euro niet goed was geweest, hadden we hem niet genomen. Punt.
Ik had sterk het gevoel dat het maar goed is dat Hoogduin in 2011 geen baas van De Nederlandsche Bank is geworden.
Mijn toenmalige schoonvader, binnengelopen als hoge ambtenaar in Brussel, sneerde: ‘De eurolanden kunnen samen nog geen snoepwinkel runnen!’ En een toezichthouder van De Nederlandsche Bank bekende me op de camping dat hij geen flauw benul had of doorgaan met deze euro wel verstandig was. ‘Maar ja, dat zal geen DNB’er hardop zeggen.’

Ik werd steeds ongeruster. Lette ‘de journalistiek’ wel goed genoeg op? Nee, stelde Engelen. Hij wist hoe dat zat: elke euroscepticus werd door de ‘babbelende kaste’ automatisch in het Wilders-kamp geplaatst en hoefde dus niet serieus te worden genomen.
Mij leek een opsplitsing van de eurozone in een noordelijk en zuidelijk deel logisch, maar NRC-adjunct Marike Stellinga hield de Grieken er liever bij, en Marike was vroeger bij FEM/De Week– we waren toen collega’s – al de slimste van de club. Alleen, Marike was evenmin onfeilbaar gebleken. Begin 2008 schreef ze in Elsevier: ‘In Nederland is op de huizenmarkt niks aan de hand. Het is onwaarschijnlijk dat de huizenprijzen gaan dalen.’
En dus vertrouwde ik andere handelaren in ferme uitspraken over de euro niet meer dan ik Engelen vertrouwde. Hij had alles wat een andere hardcore euroscepticus, Arjo Klamer, niet had. De hoogleraar economie klaagde dat hij zo weinig op tv kwam en vermoedde vooringenomenheid jegens eurosceptici bij de P&W-redactie. Zou kunnen. Maar Klamer ontbeerde het James Bond-achtige voorkomen van Engelen en diens jaloersmakende vermogen om à ‘l improviste even prachtige als onverbiddelijke zinnen te construeren.

Onlangs interviewde ik Engelen opnieuw. Het begrotingstekort is gedaald, de economie trekt weer aan en er slapen nog steeds geen bijstandsmoeders onder de brug. Hij heeft dus iets uit te leggen. Pessimistisch is Engelen nog steeds, maar zijn scheldcolumn in Het Parool heeft hij begin dit jaar toch maar ingeleverd. Hij begon, vertelde hij, ‘een hekel aan zichzelf te krijgen’. De 51-jarige heeft nog drie podia over: De Groene Amsterdammer, De Correspondent en Follow the money. En Twitter natuurlijk. Huidige score: 27.000 tweets.

Bij Het Financieele Dagblad, waar ik tegenwoordig (parttime) werk, neemt niet iedereen Engelen even serieus. Dat heeft behalve met zijn exotische leerstoel met zijn niet altijd even realistische oplossingen – zoals bankbuffers van 15 procent – te maken.
Ik hoop echter dat de gesjeesde journalistiekstudent nog lang tekeer blijft gaan daar aan de zijlijn. Elk debat heeft immers dwarse denkers nodig.
Wat ik ook in Engelen waardeer: niemand maakt zich zo druk om de generatie huizenkopers die nu welbewust over de kling wordt gejaagd als hij. En dat terwijl zijn appartement in De Pijp allang hypotheekvrij is.